EPC per 1 januari van 1,0 naar 0,8

Een woning waarvoor vanaf 1 januari 2006 een bouwvergunning wordt aangevraagd, moet energiezuiniger worden.

De zogenoemde energieprestatiecoëfficiënt (EPC) voor nieuw te bouwen woningen wordt op dat moment aangescherpt van 1,0 naar 0,8.

De aanscherping van de EPC past binnen het streven van het kabinet om de CO2-uitstoot te veminderen en zo klimaatverandering tegen te gaan. Het besluit tot aanscherping van de EPC is op 27 oktober 2005 gepubliceerd in het Staatsblad. De EPC is sinds 1995 een instrument van het Nederlandse klimaatbeleid en stelt minimum prestatie-eisen aan gebouwen op het punt van energiezuinigheid. Sedert de invoering is de EPC stapsgewijs aangescherpt. Sinds 1 januari 2000 is de EPC voor de woningbouw 1,0. Tijdens de behandeling van de VROM-begroting 2004 in november 2003 heeft de Staatssecretaris van VROM aangekondigd dat de EPC in 2006 naar 0,8 zal worden aangescherpt. In een brief aan de Tweede Kamer van 23 mei 2005 heeft minister Dekker van VROM de aangekondigde aanscherping bevestigd.

Uiteenlopende maatregelen
Een EPC van 0,8 kan door uiteenlopende maatregelen gerealiseerd worden. De afgelopen jaren zijn ook al veel woningen gebouwd met een EPC van minder dan 0,8. Energiezuiniger gebouwde woningen vragen minder verwarming en/of koeling en hebben op zichzelf dus lagere energiekosten. Onderzoek heeft uitgewezen dat de kosten van de maatregelen die nodig zijn om een EPC van 0,8 te realiseren, in vrijwel alle gevallen terugverdiend worden binnen de levensduur van die maatregelen. En dat op basis van energieprijzen van februari 2005. Het beeld kan nog gunstiger worden bij verdere kostendaling van die maatregelen in de toekomst. 

Publicatiedatum: dinsdag 1 november 2005
Bron: VROM

 

Recreatie woningen

In Nederland staan zo'n 90.000 recreatiewoningen. Deze woningen zijn bedoeld voor recreatief gebruik. In de praktijk echter worden ze regelmatig permanent bewoond. Dat is in strijd met het VROM-beleid. VROM heeft gemeenten drie keuzes gegeven: het bestemmingsplan ongewijzigd laten en systematisch illegale permanente bewoning tegengaan, het wijzigen van de bestemming 'recreëren' in 'wonen' of het afgeven van een persoonsgebonden beschikking aan de huidige bewoners (lopen af wanneer bewoners overlijdt of verhuist). 

Dit dossier legt onder meer uit wat het beleid is voor recreatiewoningen, wat de Nederlandse en Europese wetgeving hiervoor is en welke rol gemeenten  hebben. Persbericht 'Tijdelijke verruiming beleid recreatiewoningen'

Publicatiedatum: dinsdag 29 november 2005

Bron: VROM

 

Radon
Radioactieve deeltjes die uit bouwmaterialen vrijkomen (radon) veroorzaken jaarlijks naar schatting 800 doden. Aangetoond is dat sinds 1970 de concentraties van radon in nieuwbouwwoningen hoger zijn dan in bestaande. Na tien jaar onderzoek is in 1994 besloten dat het beleid van de overheid erop gericht moet worden om de stijgende trend van straling in nieuwbouwwoningen te doorbreken (standstil). Tot nu toe zijn echter nog steeds geen daadwerkelijke activiteiten ondernomenom deze standstil te realiseren.

VROM wil op korte termijn met de bouwsector harde resultaatverplichtende afspraken maken over de stralingsemissie van de bouwmaterialen. De bouwsector heeft recent laten blijken dergelijke afspraken ook te willen maken. In dat geval zijn geen dwingende regels van de overheid meer nodig. Daarnaast zal meer voorlichting moeten worden gegeven over het belang van goede ventilatie in woningen.

Radon is een radioactief edelgas dat vrijkomt uit bouwmaterialen en uit de bodem. In woningen (en vooral kruipruimtes) kan radon zich in de lucht ophopen. Volgens de Gezondheidsraad leidt blootstelling aan radon binnenshuis in Nederland tot naar schatting 800 extra gevallen van longkanker. Toch zijn de radonconcentraties in woningen in Nederland ten opzichte van de ons omringende landen relatief laag. Goed ventileren beperkt de risico's van radon.

Bron: VROM

 

Bouwvergunning online 

Op 1 januari 2003 is de Woningwet veranderd. Dit betekent nieuwe spelregels voor het bouwen van en aan woningen, kantoren en bijvoorbeeld winkels. De nieuwe Woningwet kent drie categorieën bouwwerken: bouwvergunningvrij, licht-bouwvergunningplichtig en regulier bouwvergunningplichtig.

In de wet is vastgelegd welke bouwwerken bouwvergunningsvrij zijn of slechts een licht-bouwvergunningsprocedure doorlopen. Daarbij is onderscheid gemaakt tussen de voor-, zij- en achterkant van de woning en de achterkant. Aan de achterkant mag doorgaans sneller gebouwd worden zonder bouwvergunning. Voor de voor- en zijkant van de woning gelden meer beperkingen en moet meestal een bouwvergunning worden aangevraagd.
In de nieuwe Woningwet zijn de behandelingstermijnen van de bouwaanvraag korter. Daarnaast gelden landelijk gelijke regels voor het indienen van een bouwaanvraag. Ten slotte moeten gemeenten een doorzichtiger en objectiever welstandsbeleid gaan voeren.

 

Bouwvergunning nodig?

Controleer hier eenvoudig of u wel of geen bouwvergunning nodig heeft.